Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
terugkomen
Hij keert morgen terug van vakantie.
kosten, bedragen
Deze reis komt dit jaar duur uit.
herstellen, zich beter voelen
Na de rust keert hij in topvorm terug.
bevallen, aanspreken
Deze film komt me veel terug.
terugkomen, terugkeren
Hij keert na enkele jaren terug naar zijn oude beroep.
herstellen
Na een goede nacht komt hij terug in vorm.
te binnen schieten, opeens herinneren
Zijn naam kwam bij me terug vanmorgen.
terugkeren naar, weer oppakken
Hij komt terug op zijn idee na nadenken.
gelijkstaan aan, overeenkomen met
Deze uitgaven komen overeen met hetzelfde bedrag als verwacht.
terugnemen, intrekken
Hij komt terug op zijn belofte.
betrekking hebben op, gerelateerd zijn aan
Deze vraag keert terug naar de veiligheid van de werknemers.



























