to assign
a
ə
ē
ssign
ˈsaɪn
sain
malignresignrepinespline

Definitie en betekenis van "assign"in het Engels

to assign
01

toewijzen, opdragen

to give specific tasks, duties, or responsibilities to individuals or groups 
Transitive: to assign a task
Ditransitive: to assign a task to sb | to assign sb a task
to assign definition and meaning
Voorbeelden
The teacher will assign homework to the students for the weekend. 

De leraar zal het huiswerk aan de leerlingen voor het weekend toewijzen.

02

toewijzen, verdelen

to distribute or provide something to others 
Transitive: to assign sth
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
assign
3e persoon enkelvoud
assigns
onvoltooid deelwoord
assigning
onvoltooid verleden tijd
assigned
voltooid deelwoord
assigned
Voorbeelden
The company assigned bonuses based on employee performance. 

Het bedrijf wees bonussen toe op basis van de prestaties van de werknemers.

03

toewijzen, toekennen

to allocate or reserve something for a particular use or purpose 
Transitive: to assign sth for a purpose | to assign sth to a purpose
Voorbeelden
The manager assigned a budget for the new project. 

De manager heeft een budget toegewezen voor het nieuwe project.

04

toeschrijven, toewijzen

to attribute or credit something as belonging to a particular person, group, or cause 
Transitive: to assign sth to sb/sth
Voorbeelden
The success of the project was assigned to the hard work of the entire team. 

Het succes van het project werd toegeschreven aan het harde werk van het hele team.

05

toeschrijven, toewijzen

to attribute or designate a specific reason, cause, or motive for something 
Transitive: to assign sth as a reason or cause
Voorbeelden
The teacher assigned a lack of preparation as the reason for the student's poor performance. 

De leraar schreef een gebrek aan voorbereiding toe als de reden voor de slechte prestatie van de student.

06

toewijzen, toekennen

to categorize or organize something into specific groups or classifications 
Transitive: to assign sb/sth into categories | to assign sb/sth to categories
Voorbeelden
The teacher assigned the students to different groups for the class project. 

De leraar heeft de leerlingen voor het klasproject aan verschillende groepen toegewezen.

07

overdragen, toewijzen

to transfer legal rights or responsibilities to another person or entity 
Transitive: to assign a right or liability to sb
Voorbeelden
She assigned her intellectual property rights to the publishing company. 

Ze heeft haar intellectuele eigendomsrechten aan de uitgeverij overgedragen.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store