Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to convey
01
overbrengen, communiceren
to pass on information from one party to another
Transitive: to convey information
Voorbeelden
During the meeting, the manager sought to convey the new company policies to all employees.
Tijdens de vergadering probeerde de manager het nieuwe bedrijfsbeleid aan alle werknemers over te brengen.
02
vervoeren, overbrengen
to move or transfer something from one location to another
Transitive: to convey sth somewhere
Voorbeelden
The pipeline was designed to convey water from the reservoir to the surrounding villages.
De pijpleiding was ontworpen om water van het reservoir naar de omliggende dorpen te vervoeren.
03
overbrengen, uitdrukken
to communicate or portray a particular feeling, idea, impression, etc.
Transitive: to convey a feeling or idea
Voorbeelden
With practice, she hopes to learn to convey confidence as easily as she does other emotions.
Met oefening hoopt ze vertrouwen zo gemakkelijk te kunnen overbrengen als andere emoties.
04
vervoeren, verplaatsen
to transport or move a person from one location to another
Transitive: to convey sb somewhere
Voorbeelden
The tour guide used a bus to convey the sightseers to different historical landmarks in the city.
De gids gebruikte een bus om de toeristen naar verschillende historische bezienswaardigheden in de stad te vervoeren.
05
overdragen, afstaan
to pass ownership or transfer property rights from one party to another
Transitive: to convey property rights to sb
Voorbeelden
The court order allowed the divorced couple to convey the jointly owned property to one of the spouses.
De gerechtelijke beschikking stond het gescheiden paar toe om het gezamenlijk eigendom aan een van de echtgenoten over te dragen.
Lexicale Boom
conveyable
conveyance
conveyer
convey



























