to calculate
cal
ˈkæl
kāl
cu
kjʊ
kyoo
late
leɪt
leit
capsulatecannulatecalceolatecalyculate

Definitie en betekenis van "calculate"in het Engels

to calculate
01

berekenen, calculeren

to find a number or amount using mathematics 
Transitive: to calculate a number or amount
to calculate definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
calculate
3e persoon enkelvoud
calculates
onvoltooid deelwoord
calculating
onvoltooid verleden tijd
calculated
voltooid deelwoord
calculated
Voorbeelden
She calculated the total cost of the groceries before going to the store. 

Ze berekende de totale kosten van de boodschappen voordat ze naar de winkel ging.

02

beoordelen, inschatten

to form an opinion by considering the information at hand 
Transitive: to calculate that
Voorbeelden
He calculated that it would be more cost-effective to rent rather than buy. 

Hij berekende dat huren kosteneffectiever zou zijn dan kopen.

03

afhangen, vertrouwen op

to depend on or rely upon something or someone 
Transitive: to calculate on a condition
Voorbeelden
The success of the project will calculate on timely approval from the board. 

Het succes van het project zal afhangen van tijdige goedkeuring door de raad.

04

berekenen, schatten

to predict or estimate the likely outcomes or effects of a situation or decision 
Transitive: to calculate consequences of something
Voorbeelden
The team calculated the long-term consequences of their decision to cut costs. 

Het team berekende de langetermijngevolgen van hun beslissing om kosten te besparen.

05

berekenen, ontwerpen

to plan or create something with a particular purpose or goal in mind 
Ditransitive: to calculate sth to do sth
Voorbeelden
The team calculated the product’s features to appeal specifically to young professionals. 

Het team berekende de kenmerken van het product om specifiek jonge professionals aan te spreken.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store