Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
heavily
01
overvloedig, intens
in a large quantity or intense amount
grammaticale informatie
Voorbeelden
The garden was watered heavily after the drought.
De tuin werd overvloedig bewaterd na de droogte.
Voorbeelden
The economy is heavily reliant on tourism.
De economie is sterk afhankelijk van toerisme.
1.2
zwaar, excessief
to an excessive or immoderate degree, especially regarding consumption or use
Voorbeelden
After the party, he was found to have been drinking heavily.
Na het feest bleek dat hij zwaar had gedronken.
02
zwaar, met kracht
with great force, pressure, or intensity
Voorbeelden
The ball landed heavily on the floor.
De bal landde zwaar op de vloer.
2.1
zwaar, diep
in a way that feels mentally or emotionally oppressive
Voorbeelden
Guilt lay heavily on her mind.
Schuld lag zwaar op haar geest.
2.2
zwaar, met zware passen
in a way that suggests physical bulk or ponderous movement
Voorbeelden
The soldier marched heavily across the field.
De soldaat marcheerde zwaar over het veld.
2.3
zwaar, moeizaam
in a labored, strained, or difficult manner
Voorbeelden
He breathed heavily after the sprint.
Hij ademde zwaar na de sprint.
2.4
zwaar, bedrukt
in a slow, deliberate way that suggests sadness or emotional weight
Voorbeelden
She nodded heavily, unable to speak.
Ze knikte zwaar, niet in staat om te spreken.
03
zwaar, stevig
in a manner suited for heavy-duty use
Voorbeelden
The facility was heavily fortified.
De faciliteit was zwaar versterkt.
Lexicale Boom
heavily
heavy
heave



























