Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to shave
01
scheren, zich scheren
to remove hair from the body using a razor or similar tool
Transitive: to shave a body part
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
shave
3e persoon enkelvoud
shaves
onvoltooid deelwoord
shaving
onvoltooid verleden tijd
shaved
voltooid deelwoord
shaved
Voorbeelden
He shaves his face every morning to keep it smooth.
Hij scheert zijn gezicht elke ochtend om het glad te houden.
02
schaven, scheren
to cut thin slices or layers from the surface of something
Transitive: to shave a layer of something
Voorbeelden
The carpenter shaves thin layers from the wood to achieve a smooth surface for the tabletop.
De timmerman schaaft dunne lagen van het hout om een glad oppervlak voor het tafelblad te bereiken.
03
scheren, rakelen
to move very close to something without hitting it
Transitive: to shave sth
Voorbeelden
The plane shaved the mountain peak as it made its descent.
Het vliegtuig scheerde langs de bergtop tijdens de afdaling.
04
scheren, zich scheren
to remove hair from the skin by cutting it very close
Intransitive
Voorbeelden
He prefers to shave every morning to keep his face smooth.
Hij geeft er de voorkeur aan zich elke ochtend te scheren om zijn gezicht glad te houden.
05
raspen, in dunne plakjes snijden
to turn something into thin, small pieces
Transitive: to shave sth
Voorbeelden
He shaved the block of parmesan into fine shavings for the salad.
Hij schaafde het blok parmezaan in dunne schilfers voor de salade.
06
scheren, verlagen
to reduce the value of a financial note or payment by charging an excessively high fee
Transitive: to shave a financial note
Voorbeelden
He was upset when the company shaved his payment by a large percentage.
Hij was van streek toen het bedrijf zijn betaling met een groot percentage verlaagde.
01
scheren, daad van het scheren
the act of removing hair with a razor
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
meervoudsvorm
shaves
Lexicale Boom
shaved
shaven
shaver
shave



























