Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to conjecture
01
vermoeden, gissen
to form an idea or opinion about something with limited information or unclear evidence
Transitive: to conjecture that
Intransitive: to conjecture about sth
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
conjecture
3e persoon enkelvoud
conjectures
onvoltooid deelwoord
conjecturing
onvoltooid verleden tijd
conjectured
voltooid deelwoord
conjectured
Voorbeelden
When the news spread about the missing person, neighbors started to conjecture about the possible reasons for their disappearance.
Toen het nieuws over de vermiste persoon zich verspreidde, begonnen buren te speculeren over de mogelijke redenen voor hun verdwijning.
Conjecture
01
vermoeden, gissing
an idea that is based on guesswork and not facts
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
meervoudsvorm
conjectures
Voorbeelden
The detective's conjecture about the suspect's motives proved to be incorrect.
Het vermoeden van de detective over de motieven van de verdachte bleek onjuist te zijn.
02
vermoeden, hypothese
a hypothesis in mathematics or science that appears true but lacks a formal proof
Voorbeelden
One of the oldest unsolved problems in number theory is the Goldbach conjecture.
Een van de oudste onopgeloste problemen in de getaltheorie is het vermoeden van Goldbach.
03
vermoeden, aanname
a proposed restoration of corrupted, missing, or unclear text based on scholarly inference
Voorbeelden
The editor's conjecture restored the lost phrase in the medieval manuscript.
De vermoeden van de redacteur herstelde de verloren zin in het middeleeuwse manuscript.



























