to watch
watch
wɒʧ
voch
witch

Definitie en betekenis van "watch"in het Engels

to watch
01

kijken, observeren

to look at a thing or person and pay attention to it for some time 
Transitive: to watch sb/sth
Ditransitive: to watch sb do sth
to watch definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
watch
3e persoon enkelvoud
watches
onvoltooid deelwoord
watching
onvoltooid verleden tijd
watched
voltooid deelwoord
watched
Voorbeelden
He sat on the park bench and watched the sunset. 

Hij zat op het bankje in het park en keek naar de zonsondergang.

02

observeren, monitoren

to actively pay attention and observe in order to notice any changes or developments 
Transitive: to watch developments or activities of something or someone
to watch definition and meaning
Voorbeelden
She watched the stock market closely, monitoring the prices of her investments. 

Ze keek nauwlettend naar de aandelenmarkt en hield de prijzen van haar investeringen in de gaten.

03

oppassen, letten op

used for saying that someone needs to be careful of a particular thing 
Transitive: to watch sth
Voorbeelden
Hey, watch your tone when speaking to your boss. 

Hé, let op je toon wanneer je tegen je baas praat.

04

oppassen, bewaken

to take care of and look after someone or something for a period of time 
Transitive: to watch sb/sth
Voorbeelden
Can you watch my dog for the weekend? 

Kun je in het weekend op mijn hond passen?

05

observeren, bespioneren

to observe and monitor someone's activities over an extended period without their knowledge 
Transitive: to watch sb/sth
Voorbeelden
A private investigator was hired to watch a cheating spouse and gather evidence. 

Een privédetective werd ingehuurd om een ontrouwe echtgenoot te observeren en bewijs te verzamelen.

06

waken, de nacht doorhalen

to stay awake during the night, especially in order to do something 
Intransitive
Voorbeelden
The dedicated scientist watched many nights in the laboratory, conducting experiments and analyzing data. 

De toegewijde wetenschapper waakte vele nachten in het laboratorium, voerde experimenten uit en analyseerde gegevens.

01

horloge, polshorloge

a small clock worn on a strap on your wrist or carried in your pocket 
watch definition and meaning
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
watches
Voorbeelden
He wears his watch every day, even when he goes swimming. 

Hij draagt elke dag zijn horloge, zelfs wanneer hij gaat zwemmen.

02

wachter, bewaker

a person whose duty is to protect a person or thing by observing them carefully 
03

een groep nachtegalen, een zwerm nachtegalen

a group of nightingales 
04

toezicht, wacht

a purposeful surveillance to guard or observe 
05

wacht, dienst

a period of time (4 or 2 hours) during which some of a ship's crew are on duty 
06

wacht, dienst

the period during which someone (especially a guard) is on duty 
07

wake, nachtwake

the rite of staying awake for devotional purposes (especially on the eve of a religious festival) 
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store