Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Voorbeelden
The cake was plain, with no frosting or decorations, but it tasted delicious.
De cake was eenvoudig, zonder glazuur of versieringen, maar hij smaakte heerlijk.
Voorbeelden
His shirt was plain, without any stripes, dots, or other designs.
Zijn shirt was eenvoudig, zonder strepen, stippen of andere ontwerpen.
Voorbeelden
In a room full of glamorous people, she felt plain and unremarkable.
In een kamer vol glamoureuze mensen voelde ze zich gewoon en onopvallend.
Voorbeelden
She gave a plain answer to the reporter's question, without any sugar-coating.
Ze gaf een eenvoudig antwoord op de vraag van de verslaggever, zonder enige verfraaiing.
04
duidelijk, eenvoudig
easily understood without ambiguity or complexity
Voorbeelden
His enthusiasm for the project was plain during the presentation.
Zijn enthousiasme voor het project was duidelijk tijdens de presentatie.
Voorbeelden
The article was praised for its plain English, allowing readers to grasp complex ideas easily.
Het artikel werd geprezen om zijn eenvoudige Engels, waardoor lezers complexe ideeën gemakkelijk kunnen begrijpen.
06
effen, ongelinieerd
(of a paper) without lines or markings
Voorbeelden
He preferred plain paper for printing, as it made the text easy to read.
Hij gaf de voorkeur aan effen papier voor het afdrukken, omdat het de tekst gemakkelijk leesbaar maakte.
07
eenvoudig, effen
with no labels or indications of contents
Voorbeelden
He sent the letter in a plain envelope, avoiding any identifiable markings.
Hij stuurde de brief in een gewone envelop en vermeed herkenbare markeringen.
08
eenvoudig, pretentieloos
(of a person's personality) unpretentious and lacking in complexity or embellishment
Voorbeelden
Despite her plain personality, she had a warm and welcoming presence.
Ondanks haar eenvoudige persoonlijkheid, had ze een warme en uitnodigende aanwezigheid.
09
gewoon, eenvoudig
(of a person) without any special title or status
Voorbeelden
At the event, he introduced himself as plain Joe, avoiding any formalities.
Tijdens het evenement stelde hij zich voor als gewone Joe, waarbij hij alle formaliteiten vermeed.
10
eenvoudig, puur
used for emphasis to indicate something that is sheer or straightforward
Voorbeelden
The results were just plain disappointing after all the hard work.
De resultaten waren gewoon teleurstellend na al het harde werk.
11
eenvoudig, natuurlijk
without anything extra, simple, or unmodified
Voorbeelden
He wore a plain white T-shirt with no designs or logos.
Hij droeg een eenvoudig wit T-shirt zonder designs of logo's.
Voorbeelden
The herd of bison roamed freely across the plain, grazing on the abundant grass.
De kudde bizons dwaalde vrij rond over de vlakte, grazend op het overvloedige gras.
02
a simple knitting stitch made by inserting the needle into the front of a stitch from the left-hand side
Voorbeelden
He taught the beginner to work a plain correctly.
plain
Voorbeelden
The dish was seasoned plain to highlight the natural flavors.
Het gerecht was eenvoudig gekruid om de natuurlijke smaken te benadrukken.
02
echt, gewoon
used to emphasize the extent or intensity of something
Voorbeelden
He was plain wrong but he kept insisting on his view.
Hij had helemaal ongelijk maar hij bleef bij zijn standpunt.
Lexicale Boom
plainly
plainness
plain



























