to incriminate
Pronunciation
/ˌɪnˈkɹɪməˌneɪt/

Definitie en betekenis van "incriminate"in het Engels

to incriminate
01

beschuldigen, aanklagen

to accuse someone of a crime or make a formal charge against them
Transitive: to incriminate sb
to incriminate definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
incriminate
3e persoon enkelvoud
incriminates
onvoltooid deelwoord
incriminating
onvoltooid verleden tijd
incriminated
voltooid deelwoord
incriminated
Voorbeelden
The detective did n't want to incriminate the suspect without solid proof.
De detective wilde de verdachte niet beschuldigen zonder solide bewijs.
02

beschuldigen, aanklagen

to provide evidence or information that suggests a person's involvement in a crime or wrongdoing
Transitive: to incriminate sb
Voorbeelden
During the interrogation, the suspect 's inconsistent statements began to incriminate them in the eyes of the detectives.
Tijdens het verhoor begonnen de inconsistente verklaringen van de verdachte hen in de ogen van de rechercheurs te beschuldigen.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store