to bring up
bring
brɪng
bring
up
ʌp
ap

Definitie en betekenis van "bring up"in het Engels

to bring up
01

opvoeden, grootbrengen

to look after a child until they reach maturity 
Transitive: to bring up a child
to bring up definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
up
basiswerkwoord
bring
tegenwoordige tijd
bring up
3e persoon enkelvoud
brings up
onvoltooid deelwoord
bringing up
onvoltooid verleden tijd
brought up
voltooid deelwoord
brought up
Voorbeelden
The grandparents played a significant role in bringing up their grandchildren. 

De grootouders speelden een belangrijke rol in het opvoeden van hun kleinkinderen.

02

omhoog brengen, optillen

to lift or move something to a higher position 
Transitive: to bring up sth somewhere
to bring up definition and meaning
Voorbeelden
Can you bring the box up to the second floor, please? 

Kunt u de doos naar de tweede verdieping brengen, alstublieft?

03

vermelden, ter sprake brengen

to mention a particular subject 
Transitive: to bring up a subject
to bring up definition and meaning
Voorbeelden
He brought up the topic of technology during the discussion. 

Hij bracht het onderwerp technologie ter sprake tijdens de discussie.

04

aansnijden, voorstellen

to propose a topic or idea to explore and talk about 
Transitive: to bring up an idea
Voorbeelden
We should bring improving benefits up at the staff meeting. 

We moeten het verbeteren van de voordelen aankaarten tijdens de personeelsvergadering.

05

plotseling stoppen, abrupt beëindigen

to make something stop suddenly and forcefully 
Transitive: to bring up sth
Voorbeelden
The safety feature is designed to bring up the escalator in case of an emergency. 

De veiligheidsfunctie is ontworpen om de roltrap in noodgevallen plotseling te stoppen.

06

plotseling stoppen, abrupt tot stilstand brengen

to bring to a sudden stop 
Transitive: to bring up a vehicle or animal
Voorbeelden
She brought the car up just in time to avoid the collision. 

Ze bracht de auto net op tijd tot stilstand om de botsing te vermijden.

07

bevorderen, opkrikken

to move to a higher position or status 
Transitive: to bring up sb
Voorbeelden
She brought up several employees after recognizing their hard work. 

Ze promoveerde verschillende werknemers nadat ze hun harde werk erkende.

08

opstarten, activeren

(of a device) to turn on and activate the operating system 
Transitive: to bring up a device
Voorbeelden
The user manual provides instructions on bringing up the software. 

De gebruikershandleiding geeft instructies voor het opstarten van de software.

8.1

weergeven, openen

(of computers) to display a tab, file, or image on the screen 
Transitive: to bring up a computer file or information
Voorbeelden
I brought up the spreadsheet during the meeting for everyone to see. 

Ik heb de spreadsheet weergegeven tijdens de vergadering zodat iedereen hem kon zien.

09

tevoorschijn toveren, oproepen

to make something appear or start to happen, as if by magic or a sudden command 
Transitive: to bring up sth
Voorbeelden
The sorcerer chanted ancient words and was able to bring up a majestic phoenix from the ashes. 

De tovenaar sprak oude woorden en kon een majestueuze feniks uit de as tevoorschijn toveren.

10

overgeven, braken

to throw up the contents of one's stomach through the mouth 
Transitive: to bring up contents of one's stomach
Voorbeelden
The strong smell of the medicine almost made her bring it up. 

De sterke geur van het medicijn deed haar bijna overgeven.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store