bedienen
be
be
die
ˈdi:
di
nen
nən
nēn
bedingen

Definitie en betekenis van "bedienen"in het Duits

bedienen
01

bedienen, serveren

Gästen oder Kunden Essen, Getränke oder Hilfe anbieten 
bedienen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
be
basiswerkwoord
dienen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
bediene
3e persoon enkelvoud
bedient
onvoltooid deelwoord
bedienend
onvoltooid verleden tijd
bediente
voltooid deelwoord
bedient
Voorbeelden
Der Kellner bedient die Gäste sehr freundlich. 

Bedienen de klanten zeer vriendelijk.

02

zichzelf bedienen

Sich selbst etwas nehmen, besonders beim Essen 
bedienen definition and meaning
Voorbeelden
Bitte bedienen Sie sich am Buffet! 

Bedien uzelf bij het buffet !

03

gebruiken, zich bedienen van

Etwas für ein bestimmtes Ziel nutzen, besonders sprachlich oder stilistisch 
bedienen definition and meaning
Voorbeelden
Der Autor bedient sich einer bildhaften Sprache. 

De auteur bedient zich van een beeldende taal.

04

bedienen, besturen

Ein technisches Gerät oder eine Maschine steuern oder nutzen 
Voorbeelden
Kannst du diese Maschine bedienen? 

Kun je deze machine bedienen ?

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store