acoger
a
a
a
co
ko
ko
ger
ˈxeɾ
kher
bannerplacertallercorrer

Definitie en betekenis van "acoger"in het Spaans

acoger
01

ontvangen, verwelkomen

recibir a alguien con agrado o amabilidad 
acoger definition and meaning
Voorbeelden
Los organizadores acogieron a los invitados con una sonrisa. 

De organisatoren verwelkomden de gasten met een glimlach.

02

ontvangen, reageren

responder o reaccionar de cierta manera ante algo recibido 
acoger definition and meaning
Voorbeelden
La propuesta fue acogida con entusiasmo por el comité. 

Het voorstel werd met enthousiasme door de commissie ontvangen.

03

opnemen

recibir y cuidar temporalmente a un niño o persona en necesidad 
acoger definition and meaning
Voorbeelden
La familia decidió acoger a un niño huérfano durante el verano. 

Het gezin besloot een weeskind in de zomer op te vangen.

04

herbergen, onderdak bieden

dar alojamiento o refugio a una persona 
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
sterk
1e persoon enkelvoud
acogo
3e persoon enkelvoud
acoge
onvoltooid deelwoord
acogiendo
onvoltooid verleden tijd
acogí
voltooid deelwoord
acogido
Voorbeelden
La familia acogió a los viajeros en su casa. 

De familie ontving de reizigers in hun huis.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store