Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to rant
01
tekeergaan, woedend spreken
to speak loudly, expressing strong opinions or complaints
Intransitive: to rant about sth
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
rant
3e persoon enkelvoud
rants
onvoltooid deelwoord
ranting
onvoltooid verleden tijd
ranted
voltooid deelwoord
ranted
Voorbeelden
The employee used the meeting to rant about the lack of workplace transparency, emphasizing the need for open communication.
De medewerker gebruikte de vergadering om luid te klagen over het gebrek aan transparantie op de werkplek, waarbij hij de noodzaak van open communicatie benadrukte.
01
diatribe, tirade
showy or pretentious speech or writing, often intended to impress rather than convey substance
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
rants
Voorbeelden
She dismissed his speech as mere rant, full of big words but little meaning.
Ze verwierp zijn toespraak als louter tirade, vol grote woorden maar met weinig betekenis.
02
tirade, woedende toespraak
a loud, forceful, or bombastic speech or outburst delivered with strong emotion, often critical or angry
Voorbeelden
Her rant was filled with anger and indignation.
Haar woedende tirade was vol woede en verontwaardiging.
Lexicale Boom
ranter
ranting
rant



























