Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Concern
01
zorg, belangstelling
a subject of significance or interest to someone or something
Voorbeelden
The government is working to address public concerns about education.
De regering werkt aan het aanpakken van de publieke zorgen over onderwijs.
02
zorg, bezorgdheid
a feeling of being uneasy, troubled, or worried about something such as problem, threat, uncertainty, etc.
Voorbeelden
Despite their outward confidence, a flicker of concern betrayed their true feelings.
Ondanks hun uitwendige vertrouwen, verraadde een flits van zorg hun ware gevoelens.
03
a feeling of care or sympathy for someone or something
Voorbeelden
Teachers often express concern for students' well-being.
04
bedrijf, onderneming
a business entity, organization, or company engaged in commercial, industrial, or professional activities
Voorbeelden
The family-owned concern has been a cornerstone of the local community for decades, contributing to both economic and social development.
Het familiebedrijf is al decennia lang een hoeksteen van de lokale gemeenschap en draagt bij aan zowel economische als sociale ontwikkeling.
to concern
01
zorgen maken, verontrusten
to cause someone to worry
Transitive: to concern sb
Voorbeelden
The news of the upcoming layoffs concerned the employees, who were uncertain about their future.
Het nieuws over de aanstaande ontslagen maakte de werknemers zorgen, die onzeker waren over hun toekomst.
02
betreffen, omvatten
to involve or be about someone or something
Transitive: to concern sb/sth
Voorbeelden
The meeting will concern the new policies in the workplace.
De vergadering zal gaan over de nieuwe beleidsregels op de werkplek.
Lexicale Boom
unconcern
concern



























