believe
be
lieve
ˈliv
liv
British pronunciation
/bɪˈliːv/

Definitie en betekenis van "believe"in het Engels

to believe
01

geloven, vertrouwen

to accept something to be true even without proof
Transitive: to believe sth | to believe that
to believe definition and meaning
example
Voorbeelden
I find it hard to believe that she won the lottery twice in a row.
Ik vind het moeilijk te geloven dat ze twee keer achter elkaar de loterij heeft gewonnen.
1.1

geloven, geloof hebben

to have a religious belief or faith
Intransitive: to believe | to believe in a faith
example
Voorbeelden
The spirits grant their blessings to those who believe.
De geesten verlenen hun zegeningen aan hen die geloven.
1.2

geloven, vertrouwen

to have confidence that someone's statement is true
Transitive: to believe sb
example
Voorbeelden
He assured me he 'd return the book tomorrow, and I 'm willing to believe him.
Hij verzekerde me dat hij het boek morgen zou terugbrengen, en ik ben bereid hem te geloven.
02

geloven, denken

to hold an opinion that something is the case
Transitive: to believe that
to believe definition and meaning
example
Voorbeelden
I 'm starting to believe kindness can truly make a difference.
Ik begin te geloven dat vriendelijkheid echt een verschil kan maken.
2.1

geloven, denken

to think something is true, even if one is not completely sure
Transitive: to believe that
example
Voorbeelden
Experts believe that the disease is caused by a certain virus.
Deskundigen geloven dat de ziekte wordt veroorzaakt door een bepaald virus.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

stars

app store