angehen
an
ˈan
an
ge
ge:
ge
hen
ən
ēn
abgehenansehenangebenangesehen

Definitie en betekenis van "angehen"in het Duits

angehen
01

beginnen, starten

Planmäßig starten 
angehen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
scheidbaar
partikel
an
basiswerkwoord
gehen
hulpwerkwoord
sein
1e persoon enkelvoud
gehe an
3e persoon enkelvoud
geht an
onvoltooid deelwoord
angehend
onvoltooid verleden tijd
ging an
voltooid deelwoord
angegangen
Voorbeelden
Das Theaterstück geht um 19:30 Uhr an. 

Het toneelstuk begint om 19:30 uur.

02

betreffen, aangaan

Jemanden oder etwas betreffen 
angehen definition and meaning
Voorbeelden
Deine Kommentare gehen mich überhaupt nichts an! 

Jouw opmerkingen gaan me helemaal niets aan !

03

aanpakken, benaderen

Etwas aktiv bewältigen 
angehen definition and meaning
Voorbeelden
Die Regierung muss die Wohnungskrise jetzt entschlossen angehen. 

De regering moet de woningcrisis nu vastberaden aanpakken.

04

iemand aanspreken, iemand om iets vragen

Jemanden um etwas bitten 
angehen definition and meaning
Voorbeelden
Er ging mich an der Bahnstation um eine Zigarette an. 

Hij vroeg me op het treinstation om een sigaret.

05

aanzetten, inschakelen

Aktiviert werden 
Voorbeelden
Die Ampel geht auf Grün. 

Het verkeerslicht gaat aan groen.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store