Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
feeble
Voorbeelden
The feeble old man struggled to lift even light objects due to his diminished strength.
De zwakke oude man had moeite om zelfs lichte voorwerpen op te tillen vanwege zijn verminderde kracht.
02
zwak, krachteloos
lacking strength or vigor
03
zwak, ineffectief
lacking in effectiveness
Voorbeelden
She gave a feeble excuse for being late.
Ze gaf een zwak excuus voor haar vertraging.
04
zwak, besluiteloos
lacking the strength of character or determination to act decisively
Voorbeelden
The leader 's feeble approach to the crisis led to widespread discontent.
De slappe aanpak van de leider van de crisis leidde tot wijdverbreide ontevredenheid.
Lexicale Boom
feebleness
feeble



























