nehmen
neh
ˈne:
ne
men
mən
mēn
nomen

Definitie en betekenis van "nehmen"in het Duits

nehmen
01

nemen, pakken

Etwas in die Hand nehmen oder erhalten 
nehmen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
onregelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
nehme
3e persoon enkelvoud
nimmt
onvoltooid deelwoord
nehmend
onvoltooid verleden tijd
nahm
voltooid deelwoord
genommen
Voorbeelden
Nimm bitte das Geld! 

Neem alsjeblieft het geld aan!

02

oppakken, nemen

Etwas von einem Ort entfernen 
nehmen definition and meaning
Voorbeelden
Ich nehme den Müll mit. 

Ik neem het afval mee.

03

nemen

Ein Verkehrsmittel benutzen 
nehmen definition and meaning
Voorbeelden
Wir nehmen den Bus zur Arbeit. 

Wij nemen de bus naar het werk.

04

innemen, consumeren

Medikamente oder Nahrung zu sich nehmen 
nehmen definition and meaning
Voorbeelden
Nimm deine Medizin! 

Neem je medicijn !

05

gebruiken, benutten

Etwas benutzen 
nehmen definition and meaning
Voorbeelden
Kann ich deinen Stift nehmen? 

Mag ik je pen nemen?

06

afleggen, doorbrengen

Eine Prüfung ablegen oder Zeit verbringen 
nehmen definition and meaning
Voorbeelden
Sie hat das Examen genommen. 

Ze heeft het examen afgelegd.

07

bezetten, innemen

Militärisch einnehmen 
nehmen definition and meaning
Voorbeelden
Die Armee nahm die Stadt ein. 

Het leger nam de stad in.

08

nemen, zich toe-eigenen

Sich etwas aneignen 
sich nehmen definition and meaning
Voorbeelden
Er nahm den besten Platz für sich. 

Hij nam de beste plaats voor zichzelf.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store