Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
nachkommen
01
volgen, achtervolgen
Jemanden physisch oder metaphorisch verfolgen
Voorbeelden
Die Polizei kam den Flüchtenden nach.
De politie kwam achter de vluchtelingen aan.
02
bijhouden, nakomen
Mit anderen Schritt halten oder einer Verpflichtung nachgehen
Voorbeelden
Die Produktion kommt der Nachfrage kaum nach.
De productie kan de vraag nauwelijks bijhouden.
03
uitvoeren, verwezenlijken
Etwas umsetzen oder ausführen
Voorbeelden
Kannst du dieser Bitte nachkommen?
Kun je aan dit verzoek voldoen ?
04
volgen, later aankomen
Zu einem späteren Zeitpunkt an denselben Ort kommen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
bewegingswerkwoord
regelmatig
scheidbaar
partikel
nach
basiswerkwoord
kommen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
komme nach
3e persoon enkelvoud
kommt nach
onvoltooid deelwoord
nachkommend
onvoltooid verleden tijd
kam nach
voltooid deelwoord
nachgekommen
Voorbeelden
Ich komme gleich nach!
Ik kom van volgen meteen !
Lexicale Boom
nachkommen
nach
kommen



























