Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
soustraire
01
aftrekken, subtraheren
retirer une quantité d'une autre dans une opération mathématique
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
sterk
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
soustrais
1e persoon meervoud
soustrayons
1e persoon toekomende tijd
soustrairai
onvoltooid deelwoord
soustrayant
voltooid deelwoord
soustrait
1e persoon meervoud imperfectum
soustrayions
Voorbeelden
Soustrais 5 de ce nombre .
Trek 5 af van dit getal.
02
ontvreemden, onwettig verwijderen
retirer quelque chose ou quelqu'un de manière illicite ou secrète
Voorbeelden
Les voleurs ont soustrait les tableaux du musée.
De dieven ontvreemdden de schilderijen uit het museum.
03
redden, bevrijden
etirer quelqu'un ou quelque chose d'une situation dangereuse ou indésirable
Voorbeelden
Les secours ont soustrait les victimes des décombres.
Reddingswerkers onttrokken de slachtoffers aan het puin.
04
ontwijken, ontsnappen
échapper volontairement à une obligation ou une situation contraignante
Voorbeelden
Il cherche à se soustraire à ses responsabilités.
Hij probeert zich aan zijn verantwoordelijkheden te onttrekken.



























