découvrir
01
ontdekken, vinden
trouver ou apprendre quelque chose de nouveau
Voorbeelden
Nous avons découvert l' histoire du château.
Wij ontdekten de geschiedenis van het kasteel.
02
ontdekken, onthullen
révéler quelque chose qui était caché
Voorbeelden
Nous avons découvert les secrets de la vieille maison.
We ontdekten de geheimen van het oude huis.
03
ontdekken, zien
voir ou remarquer quelque chose
Voorbeelden
Nous avons découvert un problème important.
We hebben een belangrijk probleem ontdekt.
04
zich uitkleden, kleding uittrekken
enlever une partie de ses vêtements
Voorbeelden
Elle s' est découverte en enlevant sa veste.
Ze onthulde zichzelf door haar jas uit te trekken.
05
opklaren
quand le ciel devient clair après avoir été couvert
Voorbeelden
Il faisait gris ce matin, mais maintenant ça se découvre.
Het was grijs vanmorgen, maar nu klaart het op.
06
zichzelf ontdekken
commencer à connaître ses propres goûts, qualités ou intérêts
Voorbeelden
Je me suis découvert un talent pour la cuisine.
Ik ontdekte een talent voor koken in mezelf.



























