Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to benumb
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
benumb
3e persoon enkelvoud
benumbs
onvoltooid deelwoord
benumbing
onvoltooid verleden tijd
benumbed
voltooid deelwoord
benumbed
Voorbeelden
The long hours of monotonous work seemed to benumb his senses, dulling his focus.
De lange uren van eentonig werk leken zijn zintuigen te verdoven, zijn focus te versuffen.
Lexicale Boom
benumbed
benumb



























