Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to retain
01
behouden, vasthouden
to keep what one has or to continue having something
Transitive: to retain a physical or abstract possession
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
toestandswerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
retain
3e persoon enkelvoud
retains
onvoltooid deelwoord
retaining
onvoltooid verleden tijd
retained
voltooid deelwoord
retained
Voorbeelden
The antique shop owner decided to retain a few rare pieces in the collection.
02
behouden, in gedachten houden
to keep something in one's thoughts or mental awareness
Transitive: to retain a memory or knowledge
Voorbeelden
Even after many years, she could still retain vivid memories of her childhood home.
Zelfs na vele jaren kon ze nog levendige herinneringen aan haar kindertijd thuis behouden.
03
vasthouden, absorberen
to absorb and keep a substance within a particular object or material
Transitive: to retain a material
Voorbeelden
Bath towels made of high-quality cotton retain moisture well.
Badhanddoeken van hoogwaardig katoen houden vocht goed vast.
04
behouden, handhaven
to intentionally keep, maintain, or preserve something in its current state, resisting removal, elimination, or alteration
Transitive: to retain sth
Voorbeelden
The small town decided to retain its annual summer festival as a cherished tradition.
Het kleine stadje besloot om zijn jaarlijkse zomerfestival als een gekoesterde traditie te behouden.
Lexicale Boom
retained
retainer
retention
retain



























