Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to regret
01
berouwen, spijt hebben
to feel sad, sorry, or disappointed about something that has happened or something that you have done, often wishing it had been different
Transitive: to regret doing sth
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
toestandswerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
regret
3e persoon enkelvoud
regrets
onvoltooid deelwoord
regretting
onvoltooid verleden tijd
regretted
voltooid deelwoord
regretted
Voorbeelden
She regretted not studying harder for the exam and wished she had put in more effort.
Ze betreurde dat ze niet harder had gestudeerd voor het examen en wenste dat ze meer moeite had gedaan.
02
berouwen, spijt hebben
to feel deep sorrow or longing for something or someone that is lost or absent
Transitive: to regret sb/sth
Voorbeelden
She regretted the days when they were all together, reminiscing the joyous times spent with family.
Ze betreurde de dagen waarop ze allemaal samen waren, en dacht terug aan de vrolijke tijden die ze met familie had doorgebracht.
03
berouwen, spijt hebben
to express sorrow or apology for something that has happened or something you have done
Transitive: to regret a situation or inconvenience | to regret to do sth | to regret that
Voorbeelden
I regret to inform you that the event has been canceled.
Het spijt me u te moeten informeren dat het evenement is geannuleerd.
Regret
01
spijt, berouw
a feeling of sadness, disappointment, or remorse about something that has happened or been done
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
regrets
Voorbeelden
She felt deep regret for not apologizing before her friend moved away.
Ze voelde diepe spijt dat ze zich niet had verontschuldigd voordat haar vriendin verhuisde.



























