Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Le misérable
[gender: masculine]
01
ellendeling, ongelukkige
personne vivant dans une grande détresse matérielle
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
mens
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
misérables
Voorbeelden
Un misérable aux yeux creux tendait un bol rouillé aux passants.
Een ellendeling met diepliggende ogen hield een roestige kom voor aan voorbijgangers.
misérable
01
behoeftig, arm
marqué par une grande pauvreté
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
kwalitatief
overtreffende trap
le plus misérable
vergrotende trap
plus misérable
gradueerbaar
mannelijk enkelvoud
misérable
mannelijk meervoud
misérables
vrouwelijk enkelvoud
misérable
vrouwelijk meervoud
misérables
Voorbeelden
Des enfants aux vêtements misérables jouaient dans la boue.
Kinderen in ellendige kleren speelden in de modder.
02
ellendig, zielig
qui inspire le mépris ou la pitié
Voorbeelden
Une performance misérable lors de l' examen.
Een ellendige prestatie tijdens het examen.
03
zielig, gering
insignifiant ou dérisoire
Voorbeelden
Une portion misérable de nourriture dans l' assiette.
Een zielige portie eten op het bord.



























