Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
feebly
grammaticale informatie
Voorbeelden
She whispered feebly, her voice barely audible in the quiet room.
Ze fluisterde zwakjes, haar stem nauwelijks hoorbaar in de stille kamer.
Voorbeelden
The team feebly defended their poor performance.
Het team verdedigde zwakjes hun slechte prestatie.



























