abide
a
ə
ē
bide
ˈbaɪd
baid
British pronunciation
/ɐbˈa‌ɪd/

Definitie en betekenis van "abide"in het Engels

to abide
01

wonen, verblijven

to live or stay in a particular place
Intransitive: to abide somewhere
Old useOld use
example
Voorbeelden
The nomadic tribe traditionally abides in temporary dwellings.
De nomadische stam woont traditioneel in tijdelijke woningen.
02

verdragen, tolereren

(always negative) to tolerate someone or something
Transitive: to abide sb/sth
example
Voorbeelden
He could n't abide the arrogance of the new manager, leading him to consider finding a job elsewhere.
Hij kon de arrogantie van de nieuwe manager niet verdragen, wat hem ertoe bracht om elders een baan te zoeken.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

stars

app store