Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to suffice
01
volstaan, voldoende zijn
to be enough or adequate for a particular purpose or requirement
Voorbeelden
Will one coat of paint suffice, or should we apply another layer?
Zal één laag verf volstaan, of moeten we nog een laag aanbrengen?
02
volstaan, voldoen
to be sufficient to meet a person's standards, needs, or desires
Voorbeelden
A few encouraging words should suffice them for now.
Een paar bemoedigende woorden zouden voor nu volstaan.



























