Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to signify
01
betekenen, aanduiden
to indicate a meaning
Transitive: to signify sth
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
signify
3e persoon enkelvoud
signifies
onvoltooid deelwoord
signifying
onvoltooid verleden tijd
signified
voltooid deelwoord
signified
Voorbeelden
Dark clouds in the sky often signify an approaching storm.
Donkere wolken aan de hemel duiden vaak op een naderende storm.
02
betekenen, vertegenwoordigen
to convey a specific meaning or idea, often through symbolic or implied associations
Transitive: to signify a concept
Voorbeelden
The use of the color red in this painting signifies passion and intensity.
Het gebruik van de kleur rood in dit schilderij betekent passie en intensiteit.
03
betekenen, aanduiden
to communicate or convey a particular meaning or message through words, signals, or symbols
Transitive: to signify sth
Voorbeelden
In ancient cultures, specific hand gestures were used to signify greetings or expressions of respect.
In oude culturen werden specifieke handgebaren gebruikt om begroetingen of uitingen van respect te betekenen.
Lexicale Boom
significant
signification
signifier
signify
sign



























