Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to require
01
vereisen, eisen
to need or demand something as necessary for a particular purpose or situation
Transitive: to require sth
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
require
3e persoon enkelvoud
requires
onvoltooid deelwoord
requiring
onvoltooid verleden tijd
required
voltooid deelwoord
required
Voorbeelden
Completing the advanced course will require a solid understanding of the basics.
Het voltooien van de gevorderde cursus vereist een goed begrip van de basis.
02
vereisen, vergen
to make something mandatory or necessary
Transitive: to require a condition
Voorbeelden
The event requires a ticket for entry.
Het evenement vereist een ticket voor toegang.
03
vereisen, verlangen
to expect an action or quality from someone because of their role or status
Transitive: to require sth from sb
Voorbeelden
As a leader, he requires honesty and transparency from everyone.
Als leider eist hij eerlijkheid en transparantie van iedereen.
04
vereisen, vergen
to be obligated to do something because it is demanded by a law or rule
Ditransitive: to require sb to do sth
Transitive: to require that
Voorbeelden
The new law will require all businesses to provide health insurance for their employees.
De nieuwe wet zal vereisen dat alle bedrijven een ziektekostenverzekering voor hun werknemers verzorgen.
Lexicale Boom
required
requirement
require



























