Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
beleidigen
01
beledigen, kwetsen
Jemanden mit Worten oder Taten kränken oder verletzen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
be
basiswerkwoord
leidigen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
beleidige
3e persoon enkelvoud
beleidigt
onvoltooid deelwoord
beleidigend
onvoltooid verleden tijd
beleidigte
voltooid deelwoord
beleidigt
Voorbeelden
Sie fühlte sich durch seinen Ton beleidigt.
Ze voelde zich beledigd door zijn toon.



























