Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
ronronner
01
spinnen, zoemen
produire un bruit doux et continu, surtout chez le chat quand il est content
Voorbeelden
Même le petit chaton ronronne en dormant.
Zelfs het kleine katje spint tijdens het slapen.
02
spinnen, zachtjes zoemen
produire un bruit régulier et doux, comme un moteur en marche
Voorbeelden
Même le vieux moteur ronronne tranquillement.
Zelfs de oude motor snort rustig.
03
spinnen, zijn activiteit op een regelmatige en rustige manier voortzetten
continuer son activité de manière régulière et tranquille
Voorbeelden
Même le café du coin ronronne doucement le matin.
Zelfs het café op de hoek spint zachtjes in de ochtend.



























