cheap
cheap
ʧi:p
chip
British pronunciation
/tʃiːp/

Definitie en betekenis van "cheap"in het Engels

01

goedkoop, voordelig

having a low price
cheap definition and meaning
example
Voorbeelden
The hotel room was cheap, but it lacked amenities.
De hotelkamer was goedkoop, maar had weinig voorzieningen.
02

goedkoop, van lage kwaliteit

having low quality or durability
example
Voorbeelden
His cheap watch broke after only a few weeks of wear.
Zijn goedkope horloge brak na slechts een paar weken dragen.
03

gierig, krenterig

unwilling to spend money
example
Voorbeelden
The company 's cheap practices often upset employees.
De krenterige praktijken van het bedrijf storen vaak de werknemers.
04

verachtelijk, onethisch

deserving contempt or lacking in moral value
example
Voorbeelden
She played a cheap trick to win the competition.
Ze speelde een goedkope truc om de wedstrijd te winnen.
01

goedkoop, tegen lage kosten

at a low cost or price
example
Voorbeelden
The new gadgets were offered cheap to boost sales in the holiday season.
De nieuwe gadgets werden goedkoop aangeboden om de verkoop in het vakantieseizoen te stimuleren.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

stars

app store