Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
informeel
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
kwalitatief
overtreffende trap
weest
vergrotende trap
weer
gradueerbaar
Voorbeelden
The toddler toddled around the garden, picking up wee flowers with tiny hands.
Het peutertje scharrelde door de tuin en plukte piepkleine bloemetjes met zijn kleine handjes.
to wee
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
wee
3e persoon enkelvoud
wees
onvoltooid deelwoord
weeing
onvoltooid verleden tijd
weed
voltooid deelwoord
weed
Voorbeelden
The toddler learned to wee on the potty instead of in diapers.
De peuter leerde op het potje te plassen in plaats van in luiers.
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
ontelbaar
Voorbeelden
The doctor asked for a wee sample for the test.
De dokter vroeg om een plasmonster voor de test.
Voorbeelden
The toddler announced that he needed to go for a wee.
De peuter kondigde aan dat hij moest plassen.
Lexicale Boom
weeness
wee



























