wash up
wash
wɑ:ʃ
vaash
up
ʌp
ap
British pronunciation
/wˈɒʃ ˈʌp/

Definitie en betekenis van "wash up"in het Engels

to wash up
[phrase form: wash]
01

wassen, zich opfrissen

to clean one's hands, face, or body, typically using water and soap
Dialectamerican flagAmerican
Intransitive
to wash up definition and meaning
example
Voorbeelden
She always washes up after playing with her pet.
Ze wast zich altijd na het spelen met haar huisdier.
02

afwassen, de afwas doen

to clean plates, cups, bowls, or other kitchen items after eating
Dialectbritish flagBritish
Transitive: to wash up kitchenware
Intransitive
to wash up definition and meaning
example
Voorbeelden
The restaurant staff quickly washed up the dishes after closing time.
Het restaurantpersoneel waste snel de afwas na sluitingstijd.
03

aanspoelen, worden aangespoeld

to be carried to a destination by the force of water
to wash up definition and meaning
example
Voorbeelden
A collection of old bottles washed up near the riverbank.
Een verzameling oude flessen aangespoeld bij de rivieroever.
04

uitgeput zijn, kapot zijn

to become very tired
Transitive: to wash up sb
example
Voorbeelden
The emotional stress from the situation washed him up both mentally and physically.
De emotionele stress van de situatie heeft hem zowel mentaal als fysiek uitgeput.
05

aanspoelen, afzetten

(of water or a current) to move things to a specific location
example
Voorbeelden
The river washed up logs on the riverbank during the flood.
De rivier spoelde boomstammen aan op de oever tijdens de overstroming.
06

opduiken, onverwacht aankomen

to appear or come to a location or situation unexpectedly
example
Voorbeelden
The lost puppy eventually washed up on a neighbor's doorstep.
Het verloren puppy spoelde uiteindelijk aan bij de voordeur van een buurman.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

stars

app store