Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
bitterly
Voorbeelden
He bitterly regretted not taking the opportunity when he had it.
Hij betreurde bitter dat hij de kans niet had gegrepen toen hij die had.
02
bitter, fel
to an extreme or intense degree, especially in opposition or emotion
Voorbeelden
She was bitterly disappointed by the court's ruling.
Ze was bitter teleurgesteld door de uitspraak van de rechtbank.
03
bitter, bijtend
(of weather or temperature) in a severely cold or biting manner
Voorbeelden
They stood bitterly shivering in the snow.
Ze stonden bitter te rillen in de sneeuw.
Lexicale Boom
bitterly
bitter



























