Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to befog
01
verwarren, vertroebelen
to make something unclear or confusing
Transitive: to befog sb
Voorbeelden
The dense legal jargon befogged the reader, making it hard to understand the contract.
Het dichte juridische jargon verduisterde de lezer, waardoor het moeilijk was om het contract te begrijpen.
02
vernevelen, in mist hullen
to cover or obscure something with fog or smoke, making it hard to see
Transitive: to befog a sight
Voorbeelden
The smoke from the chimney befogged the room, filling it with a haze.
De rook uit de schoorsteen vertroebelde de kamer, vulde hem met een waas.
Lexicale Boom
befogged
befog
fog



























