Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to reside
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
toestandswerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
reside
3e persoon enkelvoud
resides
onvoltooid deelwoord
residing
onvoltooid verleden tijd
resided
voltooid deelwoord
resided
Voorbeelden
The Smith family resides in a charming cottage on the outskirts of town.
De familie Smith woont in een charmant huisje aan de rand van de stad.
02
verblijven, zich bevinden
to be located in a particular place
Intransitive: to reside somewhere
Voorbeelden
The historic manuscripts reside in the university's special collections library.
De historische manuscripten bevinden zich in de bibliotheek met speciale collecties van de universiteit.
03
berusten, behoren tot
to be held by an individual or a governing body
Voorbeelden
The ultimate authority to make decisions resides with the board of directors.
De uiteindelijke bevoegdheid om beslissingen te nemen berust bij de raad van bestuur.
Lexicale Boom
resident
reside



























