Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to accompany
01
begeleiden
to go somewhere with someone
Transitive: to accompany sb somewhere
Voorbeelden
Can you accompany me to the doctor's appointment next week?
Kun je me volgende week begeleiden naar de afspraak met de dokter?
02
begeleiden, gepaard gaan met
to happen or exist alongside something else or at the same time
Transitive: to accompany an event
Voorbeelden
The new policy accompanies the recent changes in the company ’s leadership structure.
Het nieuwe beleid gaat gepaard met de recente wijzigingen in de leiderschapsstructuur van het bedrijf.
03
begeleiden, muzikale ondersteuning bieden
to provide musical support for a singer or another musician
Transitive: to accompany a singer or musician
Voorbeelden
The orchestra will accompany the ballet dancers with a beautiful symphony.
Het orkest zal de balletdansers begeleiden met een prachtige symfonie.
Lexicale Boom
accompanied
accompaniment
accompanying
accompany



























