sweetie pieswot up
van 69
sweetie pieswot up
sweetie pie[n]

schat,lieverd

sweetish[adj]

zoetig,licht zoet

sweetly[adv]

zoet,vriendelijk

sweetmeat[n]

snoepgoed,suikergoed

sweetness[n]

zoetheid,zoete smaak

sweetness and light[phrase]

lief en vriendelijk

sweetsop[n]

suikerappel,zoetzak

swell[v][n][adj]

zwellen,toenemen • deining,zwelling • geweldig,fantastisch

swell up[v]

opzwellen,zwellen

swell with pride[phrase]
swelled head[n]

verwaand hoofd

swelling[n]

zwelling,oedeem

sweltering[adj]

broeierig,loeiheet

sweptback[adj]

naar achteren gekamd,teruggekamd

swerve[v][n]

uitwijken,plotseling van richting veranderen • uitwijken,plotse afwijking

swift[adj][n]

snel,vlug • gierzwaluw,snel

swift fox[n]

snelle vos,vulpes velox

swiftlet[n]

salangaan,kleine vogel

swiftly[adv]

snel,vlug

swiftness[n]

snelheid,rapheid

swig[n][v]

een slok,een teug • in één grote slok drinken,in één grote slok doorslikken

swill[n][v]

zwijnenvoer,keukenafval • slempen,zuipen

swim[v][n]

zwemmen,aan zwemmen doen • zwemmen,zwempartij

swim against the tide[phrase]

tegen de stroom in gaan

swim parachute[n]

zwemparachute,zwemweerstand

swim with sharks[phrase]

omgaan met gevaarlijke mensen

swimmer[n]

zwemmer,zwemster

swimming[n][adj]

zwemmen • zwemmend,in horizontale positie

swimming bath[n]

zwembad,zwembassin

swimming cap[n]

zwemmuts,badmuts

swimming costume[n]

badpak,zwempak

swimming pool[n]

zwembad,zwembassin

swimming trunks[n]

zwembroek,badshort

swimmingly[adv]

voortreffelijk,zonder problemen

swimsuit[n]

badpak,zwempak

swimwear[n]

zwemkleding,badkleding

swindle[v][n]

bedriegen,oplichten • een zwendel,een oplichterij

swindler[n]

oplichter,bedrieger

swine[n]

varken,zwijn

swine flu[n]

varkensgriep,varkensinfluenza

swing[v][n]

zwaaien,schommelen • schommel,schommel

swing about[v]

zich abrupt omdraaien,plotseling omkeren

swing around[v]

zich abrupt omdraaien,rondzwaaien

swing blocking[n]

zwaaiblokkering,zwaaiblokkeertechniek

swing both ways[phrase]

op beide vallen

swing bridge[n]

draaibrug,zwaaibrug

swing by[v]

even langskomen,even binnenwippen

swing cook[n]

veelzijdige kok,allround kok

swing door[n]

zwaaideur,pendeldeur

swing egg chair[n]

schommel ei stoel,hangende ei stoel

swing for the fences[phrase]

veel te hoog mikken

swing music[n]

swingmuziek,swing

swing state[n]

Swing state,Beslissende staat

swing vote[n]

beslissende stem,zwevende stem

swing voter[n]

onbesliste kiezer,zwevende kiezer

swinge[v]

licht verbranden,licht aanflitsen

swingman[n]

veelzijdige speler,man voor alle werk

swipe[v][n]

slaan met een veegbeweging,een veeg uitdelen • slag,veeg

swirl[v][n]

wervelen,ronddraaien • wervel,spiraal

swish[v][n][adj]

ruisen,suizen • gezoef,geruis • elegant,chic

swishing party[n]

kledingruilfeest

swishy[adj]

ruisend,ritsellend

swiss[adj][n]

Zwitsers • een Zwitser,een Zwitserse

swiss army knife[n]

Zwitsers zakmes,Zwitsers mes

swiss chard[n]

snijbiet,warmoes

swiss cheese[n]

Zwitserse kaas

swiss german[n]

Zwitserduits,Duits Zwitsers

swiss roll[n]

zwitserse rol,biscuitrol

swiss-suited playing card[n]

Zwitserse speelkaart,speelkaart in Zwitserse stijl

switch[v][n]

veranderen,overschakelen • schakelaar,knop

switch around[v]

verwisselen,omwisselen

switch off[v]

uitschakelen,afzetten

switch on[v]

aanzetten,activeren

switch-hitter[n]

ambidextrous slagman,switch-hitter

switchback[n]

haarspeldbocht,scherpe bocht

switchboard[n]

telefooncentrale,schakelbord

switched[adj]

aangesloten,bijgewerkt

switcher[n]

geselaar,persoon die straffen toedient met een zweep of roe

switchgear[n]
switchman[n]

wisselwachter,spoorwegmedewerker

switzerland[n]

Zwitserland

swivel[v][n]

draaien,zwenken • draaikoppeling,zwenkverbinding

swivel chair[n]

draaistoel,zwenkkruk

swizzle[n]

een swizzle,een swizzle-cocktail

swole[adj]

gespierd,opgezwollen

swolemate[n]

trainingspartner,fitnessmaatje

swollen[adj]

gezwollen,opgezwollen

swoon[v][n]

flauwvallen,buiten westen raken • flauwte,syncope

swoop[v][n]

overvallen,aanvallen • snelle glijbeweging,snel glissando

swoop down[v]

neerstorten,neerduiken

swoosh[n][v]

het suizen,het ruisen • suizen,ruisen

sword[n]

zwaard,degen

sword and sorcery[n]

zwaard en tovenarij,heroïsche fantasy

sword dance[n]

zwaarddans,dansen met zwaarden

sword of damocles[n]

zwaard van Damocles,constante en dreigende bedreiging

sword swallowing[n]

zwaardslikken,kunst van het zwaardslikken

swordfish[n]

zwaardvis,degenvis

swordplay[n]

schermen,zwaardspel

swot[n][v]

studiebol,boekenwurm • blokken,stampen

swot up[v]

blokken,stampen

LanGeek
Download de App