shoofly pieshortbread
van 69
shoofly pieshortbread
shoofly pie[n]

shoofly taart,een traditioneel dessert dat populair is in de Pennsylvania Dutch en Amish gemeenschappen, en wordt gemaakt met een zoete en kleverige vulling van melasse en bruine suiker

shook[n][adj]

uit elkaar gehaald vat,gedemonteerd vat • geschokt,aangedaan

shoot[v][n]

schieten,neerschieten • schot,schieten

shoot a glance[phrase]
shoot a line about[phrase]

opscheppen over iets

shoot a look[phrase]
shoot bolt[phrase]

zijn laatste krachten inzetten

shoot down[v]

neerschieten,afschieten

shoot for[v]

streven naar,proberen te bereiken

shoot from the hip[phrase]

er zomaar iets uitflappen

shoot hoops[phrase]

een paar ballen schieten

shoot in the foot[phrase]

zichzelf in de vingers snijden

shoot off[v]

er vandoor gaan,wegsnellen

shoot off mouth[phrase]

er maar op los praten

shoot the breeze[phrase]

zomaar wat kletsen

shoot the curl[phrase]
shoot the messenger[phrase]

de boodschapper de schuld geven

shoot the shit[phrase]
shoot through[v]

er vandoor gaan,snel vertrekken

shoot up[v]

omhoog schieten,snel stijgen

shoot up like a rocket[phrase]
shoot-them-up[adj][n]

intensief schietend,vol schietpartijen • schietfilm,gewelddadige actiefilm

shooter[n]

grote knikker,schietknikkers

shooter video game[n]

schietspel,schiet-videogame

shooting[n]

schieten,schot

shooting brake[n]

een shooting brake,een sportstationwagen

shooting guard[n]

shooting guard,scorende guard

shooting line[n]

schietlijn,schootslinie

shooting range[n]

schietbaan,schietterrein

shooting schedule[n]

draaischema,opnameschema

shooting script[n]

draaiboek,filmscript

shooting sport[n]

schietsport,schietdiscipline

shooting star[n]

vallende ster,meteoor

shootout[n]

schietpartij,vuurgevecht

shop[n][v]

winkel,zaak • winkelen, kopen

shop around[v]

prijzen vergelijken,rondshoppen

shop assistant[n]

winkelbediende,verkoper

shop at[v]

winkelen bij,kopen bij

shop clerk[n]

winkelbediende,winkelmedewerker

shop till drop[phrase]
shop till you drop[phrase]
shop until drop[phrase]
shop window[n]

etalage,winkelruit

shopaholic[n]

shopverslaafde,compulsieve koper

shopkeeper[n]

winkelier,winkeleigenaar

shoplift[v]

winkeldiefstal plegen,stelen uit een winkel

shoplifter[n]

winkeldief,dief

shoplifting[n]

winkeldiefstal,diefstal uit een winkel

shopper[n]

koper,klant

shopping[n]

winkelen,shoppen

shopping arcade[n]

winkelpassage,winkelgalerij

shopping bag[n]

boodschappentas,shoppingtas

shopping basket[n]

winkelmandje,boodschappenmand

shopping cart[n]
shopping center[n]

winkelcentrum,shoppingcentrum

shopping channel[n]

winkelkanaal,televisieverkoopkanaal

shopping list[n]

boodschappenlijst

shopping mall[n]

winkelcentrum,shoppingmall

shopping therapy[phrase]
shopwindow[n]

etalage,winkelraam

shore[n][v]

oever,kust • schragen,ondersteunen

shore up[v]

stutten,versterken

shorebird[n]

kustvogel,waadvogel

shoreline[n]

kustlijn,oever

short[adj][n][adv][v]

kort,beknopt • een borrel,een kort drankje • plotseling, onverwacht • kortsluiten,een kortsluiting veroorzaken

short and sweet[phrase]
short circuit[n]
short end of the stick[phrase]

aan het kortste eind trekken

short film[n]

korte film,kortfilm

short form[n]

verkorte vorm,afkorting

short loin[n]

korte lende,lende

short memory[n]

kort geheugen,beperkt geheugen

short notice[n]
short odds[n]

korte kansen,lage kansen

short of breath[phrase]
short out[v]

kortsluiten,een kortsluiting veroorzaken

short pants[n]

korte broek,short

short pass[n]

korte pass,korte bal

short ribs[n]

korte ribben,korte ribbetjes

short shifting[n]

kort schakelen,vroeg schakelen

short sleeve[n]

korte mouw,t-shirt met korte mouwen

short story[n]

kort verhaal,korte geschiedenis

short suit[n]

korte kleur,zwakke kleur

short term[n]

korte termijn,kortlopend

short wave[n]

korte golf,hoge frequentiegolf

short-circuit[v]

omzeilen,kortsluiten

short-eared dog[n]

kortoorhond,kortoor wilde hond

short-haired[adj]

kortharig,met kort haar

short-handed[adj]

onderbemand,met een tekort aan personeel

short-horned grasshopper[n]

korthoorngrasmus,sprinkhaan met korte antennes

short-lived[adj]

kortstondig,van korte duur

short-order cook[n]

snelkok,korte bestelling kok

short-sighted[adj]

kortzichtig,onverstandig

short-sleeved[adj]

korte mouwen

short-statured[adj]

klein van stuk,kortgebouwd

short-tempered[adj]

prikkelbaar,snel boos

short-term[adj]

kortetermijn,voor korte tijd

short-term memory[n]

korte-termijn geheugen,werkgeheugen

shortage[n]

tekort,gebrek

shortbread[n]

boterkoek,shortbread

LanGeek
Download de App