in the sight ofincel
van 23
in the sight ofincel
in the sight of[phrase]
in the spirit of[prep]

in de geest van,volgens de geest van

in the spotlight[phrase]

in de schijnwerpers

in the teeth of[phrase]

ondanks zware tegenwind

in the thick of[phrase]
in the vein of[prep]

in de stijl van,in de trant van

in the vicinity[adv]

in de buurt,dichtbij

in the wake of[prep]

in het kielzog van

in the way[phrase]
in the weeds[phrase]
in the wind[phrase]

hangt in de lucht

in the wrong[phrase]
in the zone[phrase]
in theory[phrase]
in this day and age[phrase]
in this regard[adv]

in dit opzicht,wat dit betreft

in time[adv]

op tijd,tijdig

in times of need[phrase]
in train[phrase]
in truth[adv]

in waarheid,eerlijk gezegd

in tune[phrase]
in turn[adv]

op hun beurt,achtereenvolgens

in two minds[phrase]
in two shakes[phrase]

in een oogwenk

in unison with[prep]

in harmonie met,in eenheid met

in use[adj]

bezet,in gebruik

in vain[adv]

tevergeefs,zonder succes

in view of[prep]

gezien,in het licht van

in vitro[adj][adv]
in vitro fertilization[n]

in-vitrofertilisatie

in vivo[adv][adj]
in way[phrase]
in words of one syllable[phrase]

in simpele woorden

in working order[phrase]

in perfecte staat

in writing[adv][adj]

schriftelijk,schriftelijk • schriftelijk,op schrift

in-basket[n]

inbak,inkomende documentenbak

in-between[adj]

tussenliggend,tussen

in-depth[adj]

diepgaand,gedetailleerd

in-flight[adj]

aan boord,tijdens de vlucht

in-house[adj]

intern,binnenhuis

in-joke[n]

interne grap,privé grap

in-law[n]

schoonouder,familielid door huwelijk

in-migration[n]

immigratie,migratie naar binnen

in-person[adj]

persoonlijk,fysiek aanwezig

in-situ[adj]

in situ,ter plaatse

in-the-tube forward 360[phrase]
in-tray[n]

inbak,inbak voor binnenkomende taken

in-yer-face theater[n]

in-yer-face-theater,confrontatietheater

ina bauer[n]

Ina Bauer,een beweging in het kunstschaatsen waarbij de schaatser op één voet glijdt terwijl de andere voet naar achteren wordt gestrekt en licht naar buiten wordt gedraaid

inability[n]

onvermogen, onbekwaamheid

inaccessible[adj]

ontoegankelijk

inaccurate[adj]

onnauwkeurig,onjuist

inaccurately[adv]

onjuist,onnauwkeurig

inachis io[n]

Dagpauwoog,Inachis io

inactivate[v]

deactiveren,inactief maken

inactive[adj]

inactief,zittend

inadequate[adj]

onvoldoende,onvoldoende

inadequately[adv]

onvoldoende,ontoereikend

inadmissible[adj]

ontoelaatbaar,onontvankelijk

inadvertent[adj]

onopzettelijk,per ongeluk

inadvertently[adv]

onopzettelijk,door onoplettendheid

inadvisable[adj]

afgeraden,niet aan te raden

inalienable[adj]

onvervreemdbaar,niet overdraagbaar

inane[adj]

zinloos,leeg

inanimate[adj]

1. levenloos 2. niet-levend

inanity[n]

onzin,zinloosheid

inappreciable[adj]

onbeduidend,onmerkbaar

inappropriate[adj]

ongepast,onjuist

inappropriately[adv]

ongepast, op een ongepaste manier

inapt[adj]

ongepast, ongeschikt

inarguable[adj]

onbetwistbaar,onweerlegbaar

inarguably[adv]

onbetwistbaar,onmiskenbaar

inarticulate[adj]

onduidelijk,moeilijk uit te drukken

inasmuch as[conj]

voor zover,aangezien

inattentive[adj]

onoplettend,afgeleid

inaudible[adj]

onhoorbaar, niet hoorbaar

inaugural[n][adj]

inaugurele rede,inhuldigingstoespraak • inaugureel,inwijdings-

inaugurate[v]

inwijden,lanceren

inauguration[n]

inhuldiging,start

inauguration day[n]

dag van de inauguratie,dag van de ambtsaanvaarding

inauspicious[adj]

onheilspellend,ongunstig

inauspiciously[adv]

onheilspellend

inauthentic[adj]

onecht,vals

inborn[adj]

aangeboren,erfelijk

inbound[adj]

inkomend,naar binnen gericht

inbox[n]

inbox,postvak IN

inbred[adj][n]

inteelt,ontstaan of ontwikkeld als gevolg van voortplanting tussen nauw verwante leden • product van inteelt,inteelt

incandescence[n]

gloei,helderheid

incantation[n]

bezwering,toverformule

incapable[adj]

incapabel,onbekwaam

incapacitate[v]

uitschakelen,onwerkzaam maken

incapacitated[adj]

arbeidsongeschikt,handelingsonbekwaam

incapacitating[adj]

uitgeschakeld

incapacity[n]

onvermogen

incarcerate[v]

gevangenzetten, opsluiten

incarceration[n]

gevangenschap,opsluiting

incarnate[v][adj]

belichamen,verwezenlijken • geïncarneerd,belichaamd

incarnation[n]

incarnatie,incarnatie

incautious[adj]

onvoorzichtig,roekeloos

incel[n]

een heteroseksuele man die vrouwen en de maatschappij de schuld geeft van zijn gebrek aan romantisch succes,incel

LanGeek
Download de App