Zoeken
gerade
01
recht, kaarsrecht
Ohne Kurve oder Biegung
Voorbeelden
Halte den Rücken gerade!
Houd je rug recht!
02
even, even
Durch zwei teilbar
Voorbeelden
Gerade Seiten im Buch sind links.
De even pagina's in het boek zijn aan de linkerkant.
gerade
01
nu, op dit moment
In diesem Moment
Voorbeelden
Gerade hat es geklingelt.
Zojuist heeft het gebeld.
02
nicht mehr als
Voorbeelden
Es sind gerade drei Leute da.
03
speciaal
Extra für etwas oder jemanden
Voorbeelden
Ein gerade passender Moment.
Een precies geschikt moment.
gerade
01
precies, juist
Betont etwas in besonderem Maße
Voorbeelden
Gerade du solltest das wissen.
Juist jij zou dit moeten weten.
02
precies nu, juist nu
Zeigt Unmut über schlechtes Timing
Voorbeelden
Gerade wir haben kein Geld mehr.
Juist wij hebben geen geld meer.
03
niet bepaald, niet bijzonder
Nicht besonders viel
Voorbeelden
Es war nicht gerade billig.
Het was niet precies goedkoop.


























