füttern
füttern
fʏtɐn
futn

Definitie en betekenis van "füttern"in het Duits

füttern
01

voeden, eten geven

Einem Tier, einem Baby oder einer hilfsbedürftigen Person Nahrung geben 
füttern definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
füttere
3e persoon enkelvoud
füttert
onvoltooid deelwoord
fütternd
onvoltooid verleden tijd
fütterte
voltooid deelwoord
gefüttert
Voorbeelden
Er füttert jeden Morgen die Katzen. 

Hij voedt de katten elke ochtend.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store