binden
Pronunciation
/ˈbɪndn̩/

Definitie en betekenis van "binden"in het Duits

binden
01

binden, vastmaken

Etwas mit etwas anderem fest verbinden oder befestigen
binden definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
sterk
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
binde
3e persoon enkelvoud
bindet
onvoltooid deelwoord
bindend
onvoltooid verleden tijd
band
voltooid deelwoord
gebunden
Voorbeelden
Er bindet die Schuhe.
Hij bindt de schoenen.
02

binden, verbinden

Jemanden an eine Verpflichtung oder Regel binden
binden definition and meaning
Voorbeelden
Das Gesetz bindet die Unternehmen an bestimmte Vorschriften.
De wet bindt bedrijven aan bepaalde voorschriften.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store