allongeranimateur
van 9
allongeranimateur
allonger[v]

gaan liggen,uitrusten

allumer[v]

aanzetten

allure[n]

uiterlijk,aanblik

allusion[n]

allusie,toespeling

alluvions[n]
alors[adv]
alpes[n]
alpiniste[n]
alternativement[adv]
altitude[n]
aluminium[n]
amabilité[n]
amande[n]

amandel,eetbare droge vrucht

amant[n]

minnaar,geliefde

amas[n]
amateur[n][adj]

liefhebber,amateur • amateur-,niet professioneel

ambassade[n]

ambassade,diplomatieke vertegenwoordiging

ambassadeur[n]

ambassadeur,diplomatiek vertegenwoordiger

ambiance[n]

sfeer,atmosfeer

ambigu[adj]

dubbelzinnig,onduidelijk

ambiguïté[n]

dubbelzinnigheid,onduidelijkheid

ambitieux[adj]

ambitieus,met grote doelen

ambition[n]

ambitie

ambre[n]

barnsteen,fossiele hars

ambulance[n]

ambulance,noodvoertuig

ambulancier[n]

ambulancechauffeur,paramedicus

âme[n]

ziel,geest

amélioration[n]

verbetering,optimalisatie

améliorer[v]

verbeteren,verfijnen

aménager[v]

organiseren,aanpassen

amende[n]

boete,sanctie

amendement[n]
amener[v]

brengen

amer[adj]

bitter,wrang

amèrement[adv]
américain[adj][n]

Amerikaans,betreffende de Verenigde Staten • Amerikaan,Amerikaans staatsburger

amérique[n]
amérique centrale[n]
amérique du nord[n]

Noord-Amerika,Noord-Amerikaans continent

amérique du sud[n]

Zuid-Amerika

amertume[n]

bitterheid,bitter smaak

ameublement[n]

meubilering,inrichting

ami[n][adj]

vriend,vriendin

amical[adj]

vriendelijk,vriendschappelijk

amidon[n]

zetmeel,amylopectine

amitié[n]

vriendschap,vriendschap

amnésie[n]

amnesie,geheugenverlies

amocher[v]
amoncellement[n]
amortir[v]
amour[n]

genegenheid,liefde

amoureusement[adv]
amoureux[adj][n]

verliefd,verliefde • minnaar,verliefde

ampérage[n]
amphibie[adj]

amfibisch,water- en landlevend

amphibien[n]

amfibie,amfibiedier

amphithéâtre[n]

amfitheater,collegezaal

ample[adj]

wijd,ruim

ampleur[n]

omvang,grootte

amplification[n]

versterking,overdrijving

ampoule[n]

gloeilamp,lamp

amusant[adj]

leuk,grappig

amuse-gueule[n]

voorgerecht,hapje

amusement[n]

vermaak,amusement

amuser[v]

zich vermaken,zich amuseren

amuseur[n]
analgésique[n]

pijnstiller,analgeticum

analogie[n]
analyse[n]

analyse,onderzoek

analyser[v]

analyseren,onderzoeken

analyste[n]
ananas[n]

ananas,pijnappel

anatomie[n]

anatomie,lichaamsbouw

ancêtre[n]
anchois[n]

ansjovis,sardel

ancien[adj][n]

oud,voormalig • oudste,oude

andouille[n]

domkop,idioot

âne[n]

ezel,ezelshengst

anéantir[v]

vernietigen,volledig verwoesten

anecdote[n]
anesthésie[n]
aneth[n]

dille,venkel

ange[n]

engel,hemels wezen

angélique[adj]

engelachtig,als een engel

anglais[adj][n]

Engels,Engelse • Engels,Engelse taal

angle[n]

hoek,kant

angle plat[n]

gestrekte hoek,hoek van 180 graden

angleterre[n]

Engeland

anglo-saxon[n]
anglophone[adj]
angoissant[adj]

verontrustend,angstaanjagend

angoisse[n]

angst,bezorgdheid

angoissé[adj]
angoisser[v]

verontrusten,angst aanjagen

anguille[n]

paling,paling

anguille électrique[n]

elektrische paling,elektrische paling

animal[n]

dier,beest

animal de compagnie[n]

huisdier,gezelschapsdier

animalier[adj]
animateur[n]

presentator,omroeper

LanGeek
Download de App