imponer
im
im
im
po
po
po
ner
ˈner
ner
remover

Definitie en betekenis van "imponer"in het Spaans

imponer
01

opleggen, toepassen

aplicar con autoridad una norma, obligación o castigo 
imponer definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
1e persoon enkelvoud
impongo
3e persoon enkelvoud
impone
onvoltooid deelwoord
imponiendo
onvoltooid verleden tijd
impuso
voltooid deelwoord
impuesto
Voorbeelden
El juez impuso una multa al acusado. 

De rechter legde een boete op aan de verdachte.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store