to hew
hew
hju:
hyoo
gnudewcueyue

Definitie en betekenis van "hew"in het Engels

to hew
01

hakken, kappen

to cut something by striking it with an axe or similar tool 
Transitive: to hew wood, stone, or other materials
to hew definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
hew
3e persoon enkelvoud
hews
onvoltooid deelwoord
hewing
onvoltooid verleden tijd
hewed
voltooid deelwoord
hewn
Voorbeelden
The lumberjack skillfully hewed the massive tree with precise axe strikes. 

De houthakker heeft handig de massieve boom met precieze bijlslagen gehakt.

02

hakken, beeldhouwen

to create or form an object by cutting or shaping a material like wood or stone 
Transitive: to hew an object from wood or other materials | to hew an object out of wood or other materials
Voorbeelden
The carpenter hewed a beautiful sculpture from a block of wood. 

De timmerman hieuw een prachtig beeld uit een blok hout.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store