ding
Pronunciation
/ˈdɪŋ/

Definitie en betekenis van "ding"in het Engels

01

deuk, afdruk

an impression in a surface (as made by a blow)
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
dings
02

belgeluid, rinkel

a ringing sound
to ding
01

rinkelen, luiden

go `ding dong', like a bell
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
ding
3e persoon enkelvoud
dings
onvoltooid deelwoord
dinging
onvoltooid verleden tijd
dinged
voltooid deelwoord
dinged
02

deuken, krassen

to cause slight damage to something, typically by hitting or striking it
Voorbeelden
Yesterday, I accidentally dinged my laptop when it fell off the desk.
Gisteren heb ik per ongeluk mijn laptop gekrast toen hij van het bureau viel.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store